Over

Over In-common Future

We delen een planeet. Maar hoe delen we een wereld?

In-common Future is een pedagogisch voorstel dat het gedeelde bestaan als uitgangspunt neemt voor educatie. De gedachte daarachter is eenvoudig…

Als er één ding is dat niet verandert en altijd relevant zal blijven, dan is het dat we ons bestaan delen. We delen deze aardbol met andere mensen, andere levensvormen en toekomstige generaties. Zo was het honderd jaar geleden. Zo is het vandaag. En zo is het over honderd jaar nog steeds. Wat er momenteel wél verandert, is hoe zichtbaar en merkbaar dat voor steeds meer mensen wordt. Er is nogal wat gaande.

Verleden, heden en toekomst zijn gedeeld, of we dat nu willen of niet.

Mondiale ontwikkelingen als ecologische ontwrichting, verschuivende machtsverhoudingen, economische en digitale verwevenheid, koloniale doorwerking en migratie laten zien hoe levens elkaar raken en hoe het handelen van de een doorwerkt bij de ander. Wie het gedeelde bestaan lang kon negeren, kan dat steeds minder. Verleden, heden en toekomst zijn gedeeld, of we dat nu willen of niet.

Wat vraagt dat van educatie? Van wat we onderwijzen, hoe we dat doen en waartoe?

Kinderen en jongeren worden geboren in een wereld die ze niet zelf hebben ingericht, maar waarvan ze wel de consequenties ondervinden. Ze moeten daarin hun weg vinden en zullen die wereld uiteindelijk ook zelf (mede)vormgeven, ook voor wie na hen komt. Daarom gaat educatie voor mij – naast kennis en vaardigheden – over hoe zij zich verhouden tot een wereld die zij met anderen delen en waar zij zelf deel van uitmaken.

Hoe gaan we om met afhankelijkheid, verschil en wat we niet kunnen overzien? En hoe kan educatie ruimte maken voor ontvankelijkheid ten opzichte van wie en wat zich aandient, zodat we ons laten aanspreken en niet te snel invullen wat we tegenkomen? Die vragen staan centraal in wat ik een pedagogiek van ontvankelijkheid noem. 

Wat versta ik onder ontvankelijkheid?

Ontvankelijkheid voor het gedeelde bestaan zie ik als het vermogen om je te laten aanspreken door wie en wat zich aandient, en erbij te blijven zonder je ervoor af te sluiten of het meteen in te vullen met wat je al kent. Zo kan merkbaar worden dat je eigen manier van kijken ook anders had kunnen zijn, en dat je deel uitmaakt van het gedeelde bestaan dat je aanspreekt. Dan kan verschuiven wat meetelt in hoe je waarneemt, begrijpt en handelt, en kan het gedeelde bestaan een plek krijgen in hoe we de wereld vormgeven.

De inzet is dat kinderen en jongeren veerkracht ontwikkelen in een gedeelde wereld, in die zin dat ze kunnen omgaan met afhankelijkheid, verschil en onzekerheid zonder zich af te sluiten, en zich zorgvuldig en verantwoordelijk kunnen verhouden tot een bestaan dat ze delen met anderen. 

Wat je hier vindt

Dit platform is een open onderzoekspraktijk. Hier verken ik samen met anderen hoe In-common Future verder vorm kan krijgen. Je kunt hier inspiratie opdoen, je denken verscherpen, aanknopingspunten voor je eigen werk vinden of iets aandragen.

De kern

  • De vijf oriëntaties – richtingen van waaruit het gedeelde bestaan ons kan aanspreken, en ingangen om educatieve situaties te ontwerpen en te onderzoeken wat daarin gebeurt.
  • De pedagogische beweging – vier momenten rond ontvankelijkheid, die laten zien wat er in een ontmoeting kan gebeuren en wat pedagogisch handelen daarin mogelijk kan maken.

Versie 3 – 11 oktober 2026

Pedagogische beweging

lees →

Het werkarchief

  • Vensters – kunstwerken, verhalen en praktijken die kunnen laten merken dát en hoe we ons verhouden tot het gedeelde bestaan.
  • Gesprekken – met mensen van wie het werk, de expertise of de ervaring raakt aan dit pedagogische voorstel.
  • Verdieping – concepten en citaten van anderen die raken aan dit voorstel.
  • In de praktijk – nieuws en reflecties uit samenwerkingen en projecten.

Wat in het werkarchief groeit, kan de kern aanscherpen, bevragen of veranderen.

Waar dit vandaan komt

In-common Future is een voorstel van Ana Josi. Onder die naam bedenk, maak en schrijf ik. Vaak begin ik bij iets wat ik nog niet helemaal kan plaatsen, maar waarvan ik op de een of andere manier weet dat het ertoe doet. Zo begon ook dit pedagogisch voorstel.

Mijn achtergrond ligt in de antropologie. Daar begon mijn belangstelling voor de verhoudingen tussen mensen, en daarmee onlosmakelijk verbonden voor ongelijkheid en (scheve) machtsverhoudingen. Pas later kwam daar de vraag bij hoe mensen zich verhouden tot andere levensvormen en hun omgeving. Die zoektocht bracht me bij projecten in Belize, Brazilië en op asielzoekerscentra in Nederland.

Via mijn werk in de kunsteducatie werd die belangstelling ook pedagogisch. Ik werkte met jongeren in verschillende contexten en zag hoe kunst ruimte kan maken om anders te kijken, iets uit te proberen, gevoelige kwesties te verkennen, jezelf te ontdekken en vragen te onderzoeken waarop niet meteen één antwoord klaarstaat. Via de pabo leer ik inmiddels ook het basisonderwijs steeds beter van binnenuit kennen.

Van gelijkheid naar gemeenschappelijkheid

Lange tijd dacht ik dat veel van mijn vragen over gelijkheid gingen. Toch miste er iets. Ik kon maar geen taal vinden voor wat ik zag, en daardoor dus ook geen antwoorden. Pas na jaren van wat mijn zusje “denken op papier” noemt, werd het me duidelijk dat onder die vragen wat anders lag. Gemeenschappelijkheid. Bestaan we immers niet allemaal gelijk in gemeenschappelijkheid? We delen allemaal dezelfde planeet. Die hebben we gemeenschappelijk. De een kan niet meer bestaan dan de ander. Dat bestaan noem ik het in-gemeenschappelijkheid-bestaan.

Hoe maken we deel uit van een bestaan dat nooit alleen het onze is?

Hoe ons bestaan daarin meetelt, is een andere vraag. Ik begon me af te vragen wat er gebeurt als ik vanuit gemeenschappelijkheid naar gelijkheid kijk. Verandert dat iets aan hoe we waarnemen, aan de woorden en categorieën waarmee we spreken, aan wie en hoe we herkennen? Hoe maken we deel uit van een bestaan dat nooit alleen het onze is? Wat vraagt dat van hoe we waarnemen, begrijpen en handelen, en van wie of wat we daarin laten meetellen?

Al acht jaar werk ik in dit kader aan een filosofisch essay Het kan ook geel zijn. Eind 2024 was het eerste manuscript af. Nu werk ik aan een herziene, sterk ingekorte versie. Het boek gaat over de vormen waarmee we de wereld begrijpelijk maken, zoals verhalen, categorieën en woorden. Ook gaat het over wat die vormen mogelijk maken en begrenzen en wat de rol van herkenbaarheid en antwoordbaarheid daarin is. Hoewel het essay zelf niet over educatie gaat, raakt het wel aan een pedagogische vraag die daaruit volgt. Waartoe onderwijzen we?

Via het werk van onderwijsfilosoof Gert Biesta kwam die ‘waartoe’ vraag van onderwijs nadrukkelijker in beeld. Het werd mij duidelijker dat onderwijs voor mij niet alleen gaat over wat kinderen en jongeren kennen en kunnen, maar ook over hoe zij als iemand in verhouding tot de wereld kunnen verschijnen, en over de vraag wat daarin wenselijk is. Een vraag die zij uiteindelijk zelf zullen moeten beantwoorden, maar die we niet (langer) kunnen laten liggen.

In-common Future is ontstaan op het kruispunt van deze vier paden. Meer over mijn werk vind je op anajosi.com.

Hoe ik hier werk

Voor dit platform werk ik door te lezen, te schrijven en te maken, exposities te bezoeken, lezingen, symposia en workshops bij te wonen, gesprekken te voeren en via samenwerkingen in de praktijk te onderzoeken wat mogelijk is.

Daarnaast gebruik ik voor dit platform AI als gesprekspartner bij wat ik bedenk en tegenkom. Het helpt mij om mijn gedachten sneller te ordenen en scherp te krijgen. Ook helpt het bij het redigeren van teksten of het kritisch meelezen. Op dit moment draag ik dit platform alleen. Juist die ondersteuning maakt het voor mij (eindelijk!) mogelijk om deze website vorm te geven. Zo kan ik die eeuwige wirwar aan mapjes, documenten en notities met ideeën, analyses, foto’s en associaties in mijn Dropbox sneller uitwerken en delen.

Het denken, de begrippen en de pedagogiek op dit platform komen uit mijn eigen koker. Mijn onderzoek, ervaringen en vragen vormen het vertrekpunt. Ik bepaal wat ik verder uitwerk, hoe ik het verwoord en wat ik uiteindelijk deel.

Meer achtergrond

Benieuwd naar de aanleiding, achtergrond en onderbouwing? Ik werk aan een pleidooi voor een pedagogiek van ontvankelijkheid, waarin ik daar dieper op inga. Zodra het er is (in pdf of als boekje, dat weet ik nog niet), vind je het hier.